• Menu
  • Historie
     
    Email ons!
     
  • GRUNN.NL: Stadshistorie
  • 21ste eeuw

    Algemeen

    334

    • 21e eeuw/ geschiedenis stad Groningen / stadsgeschiedenis Groningen/historie.

    Met het verstrijken van het eerste decennium is er sprake van een - vooralsnog beperkte - geschiedenis van de stad Groningen in de 21e eeuw. Daarnaast worden in dit hoofdstuk feiten verzameld en ontwikkelingen gesignaleerd die naar verwachting op enige termijn een meer dan incidentele betekenis voor de stad zullen hebben.
    • Dit compendium van de stadsgeschiedenis door Kor Feringa, inmiddels al meer dan 16 jaar op internet, wordt regelmatig bewerkt en aangevuld. Laatste bewerking: 17 augustus 2014. De auteur is te bereiken - ook voor het opvragen van een trefwoordenregister - via k.feringa@home.nl. Een verklarend overzicht van straatnamen in Groningen, eveneens van zijn hand, is te vinden in de wikipedia.

    Omhoog

    Politiek en bestuur

    335

    Aan het begin van de eeuw wordt Groningen, door het stadsbestuur gekarakteriseerd als 'energiek, intens en inspirerend', gepresenteerd als stedelijk alternatief voor de Randstad; als Ďstad in de ruimteí die een stedelijk leefklimaat weet te combineren met (het behoud van) een goed bereikbaar, boeiend en gevarieerd landschap rondom.
    Op grond daarvan worden Groningen, voor wat betreft zín ontwikkelingsmogelijkheden, comparatieve voordelen boven andere economische kerngebieden in Nederland toegedacht.

    • In 2010 blijkt Groningen te behoren tot de top-5 van de meest aantrekkelijke woonplaatsen in Nederland. De zogeheten 'woonattractiewaarde' is in de periode 1997-2007 bovendien sterker toegenomen dan die van 47 van de 50 grootste Nederlandse steden (Atlas voor Gemeenten. De uitzonderingen zijn Nijmegen en Zwolle). Twee jaar later wordt de stad - na Amsterdam - genoemd als de tweede stad in Nederland voor wat betreft het cultureel aanbod (id.).
    • Uit 2007 dateert de Duurzaamheidsvisie Groningen, waarin de ambitie om in 2025 de meest duurzame stad van Nederland te zijn. In 2011 wordt het bereiken van dit doel 10 jaar verschoven.
      Ingezet wordt op het gebruik van duurzame energie, op behoud en versterking van ecologische waarden en op het tegengaan van geluidsoverlast. Gestreefd wordt naar een energieneutraal Groningen. Het stadion Euroborg (par. 365) geldt sinds 2012 als eerste aanzet daartoe.
    • In dit kader verschijnt in 2012 ook een 'Visie op de ondergrond van de gemeente Groningen'. Het gaat dan om thema's als geothermie, warmte/koudeopslag, benutting van restwarmte, ondergronds bouwen en meervoudig ruimtegebruik, ondergronds transport en opslag, beheer van het archeologisch bodemarchief, beheer en gebruik van grondwater.
    De positie van de stad en de omliggende regio wordt verder bepaald door de effecten van een toenemende economische globalisering, waarbij in Europa in het begin van de eeuw kansen worden gezien in het inzetten op kennis en (vooral) creativiteit.
    Een regio is een potentiŽle 'engine of prosperity'. Een stad niet meer alleen een verzamelplaats van sociale problemen, maar symbool van economische groei en vooruitgang.
    De sterke oriŽntatie van de gemeenten op de rijksoverheid vermindert (steeds meer taken worden gedecentraliseerd) en de noodzaak de economische potentie en de identiteit van de eigen regio te benadrukken neemt toe. Groningen legt daarom bewust contacten met steden in het noorden van Duitsland, zoals Bremen en Hamburg en met een deelstaat als Mecklenburg-Vorpommern. De stad onderhoudt ook vriendschappelijke en handelscontacten met de Chinese miljoenensteden Tianjin en Xi'an.
    • Eveneens samen met steden in Noord-Duitsland is een nieuw Hanzeverbond in het leven geroepen. Groningen ondertekent in 2008 het statuut. Het Hanzeverbond wordt een rol toegekend in economische stimuleringsprogramma's en in vormen van stadspromotie.
    335.1 Groningen onderkent aan het begin van de jaren tien het toenemend belang van de ontwikkeling van Delfzijl/Eemshaven tot Energyport van Nederland. In dit gebied is sprake van (mogelijkheden voor) een omvangrijke energiegerelateerde bedrijvigheid. In 2011 zijn twee elektriciteitscentrales in aanbouw (en een derde in bedrijf), wordt een olieterminal gebouwd en is een windmolenpark gerealiseerd. Google exploiteert aan de Eemshaven een datahotel. Slechts enkele jaren later blijken de energiecentrales niet of nauwelijks rendabel te exploiteren. (Zie voor de Nederlands-Duitse grens in de Eemsdelta par. 267.3)
    • Tegelijkertijd geldt hetzelfde gebied (de Eemsdelta) als krimpregio, waar in de periode 2010-2025 een bevolkingsdaling van 16 % en een daling van het aantal huishoudens van 13 % zal optreden. Het primair onderwijs zal 50 % minder leerlingen tellen; 60 % van de bevolking zal ouder zijn dan 50 jaar.
      Een en ander veroorzaakt een forse discrepantie tussen de vraag naar en het aanbod van personeel en een uitstroom van jongeren naar Stad (en verder).
      Ook Oost-Groningen wordt beschouwd als een krimpregio, zij het in iets mindere mate.
    Nederland gaat op 1 januari 2002 ook in het chartaal verkeer over op de sinds 1 januari 1999 bestaande Europese munteenheid : de euro.

    Omhoog
    336

    Het maatschappelijk leven in Groningen wordt, meer nog dan in de 20e eeuw, eveneens sterk beÔnvloed door processen van schaalvergroting. De sociale en beroepsnetwerken van de inwoners van stad en regio zijn daarvan een afspiegeling. Internet en andere nieuwe (sociale) media spelen een belangrijke rol. De begrippen 'tijd' en 'ruimte' krijgen andermaal een nieuwe betekenis.
    De meeste Groningers beleven het 'stedelijk landschap' in al zijn uitingsvormen dan ook in steeds sterkere mate individueel en selectief. Voor velen (waaronder de meeste studenten) is Groningen bovendien niet meer dan een tijdelijke en toevallige woonplaats.
    Omgekeerd voelen anderen die in de stad werken, dan wel er een deel van hun tijd doorbrengen, zich op die gronden bij Groningen betrokken.

    • De stad telt dus een groot aantal 'deeltijdburgers', met alle gevolgen van dien voor de sociale cohesie, de betrokkenheid van de inwoners bij de stedelijke samenleving en voor het management van de stad als organisatie. Het gemeentebestuur kent in dit verband veel waarde toe aan contacten met informele, doelgerichte netwerken. De overheid investeert ook in vormen van maatschappelijke participatie, in toeleiding naar werk en onderwijs en in een scala van culturele voorzieningen. In de jaren tien komen publieke doelen, in de realisering waarvan de overheid een hoofdrol speelt, financieel onder druk te staan. Zie par. 355.
    • Rond 2010 wordt de werving van vrijwillig kader voor maatschappelijke organisaties meer en meer als een probleem onderkend.
    • Eveneens in 2010 maakt het gemeentebestuur voor het eerst gewag van onlustgevoelens onder de Stadjers over het ervaren van overlast als gevolg van het grote aantal studenten in de stad (27 % van de inwoners staat als student te boek). Zie ook par. 345.

    Omhoog
    337

    In het eerste decennium van de 21e eeuw (tot in 2014) wordt het gemeentebestuur opnieuw gedomineerd door de sociaal-democratische Partij van de Arbeid. In de periode 2006-2010 treedt, voor de tweede maal in de geschiedenis, een links meerderheidscollege aan (zie ook par. 268). Bij raadsverkiezingen brengt overigens nog geen 60 % van de kiesgerechtigde burgers een stem uit. In 2014 is het opkomstpercentage 54.4 %.
    Sinds de invoering van de Wet Dualisering Gemeentebestuur (2002) maken de wethouders geen deel meer uit van de gemeenteraad.
    De verhouding tussen het College van Burgemeester en Wethouders en de gemeenteraad is nu als die tussen regering en parlement. De raad is daarbij het vertegenwoordigend, kaderstellend en controlerend orgaan. Het College is verantwoordelijk voor bestuur en uitvoering.
    In 2003 verschijnt het eerste burgerjaarverslag van de burgemeester (per 1 november 2013 dr. Ruud L. Vreeman, wnd).
    In 2001 wordt een referendum gehouden over de gemeentelijke plannen voor de herontwikkeling van de noordelijke wand van de Grote Markt. Bij een opkomst van 56.6 % worden de plannen met overweldigende meerderheid verworpen (81.2 %). Bij een tweede referendum, nu over de herontwikkeling van de oostzijde van de Grote Markt (2005), is de opkomst slechts 38.6 %. Het referendum voldoet daarmee niet aan de eisen en wordt beschouwd als niet te zijn gehouden. Een meerderheid van de opgekomen kiezers (53.4 %) gaat overigens akkoord met de plannen.

    • In de plannen voor de noordelijke wand was ook de bouw van een parkeergarage onder het eigenlijke marktplein opgenomen. Met name dit onderdeel ontmoette veel verzet, mede gezien het veronderstelde gevaar van de toegangsroute langs de Martinitoren ('toor'n gait ja schaif stoan').

    Omhoog

    Ruimtelijke orde

    338

    Zowel de - nooit door de Tweede Kamer vastgestelde - Vijfde Nota over de Ruimtelijke Ordening (2000), als de Nota Ruimte (2005) noemt het gebied Groningen Ė Assen een stedelijk netwerk van nationaal belang, deels ook economisch kerngebied. In de Ruimtelijke Verkenningen 2011 (PBL) wordt voor de regio nog een groei van de bevolking en van het aantal huishoudens voorzien tot 2030. De beroepsbevolking neemt echter na 2020 af.

    • Het in 1996 gesloten convenant Regio Groningen Ė Assen 2030 (par. 272) vormt het kader voor een regionale ontwikkelingsvisie. Het convenant is voor het laatst in 2013 geactualiseerd. Het waarborgen van de bereikbaarheid van de regio wordt gezien als de belangrijkste prioriteit. Er is ook aandacht voor de versterking van de landschappelijke kwaliteit in het algemeen en van de verbindingen tussen stad en landschap (stadsrandzones) in het bijzonder. De 'Koningsas', de cultuurhistorisch zeer waardevolle verbinding Assen-Groningen, vraagt bijzondere aandacht. Juist hier moet duidelijk worden dat wonen, recreatie en economische activiteiten goed kunnen samengaan met de kwaliteit van het landschap.
    De winning van aardgas in de provincie Groningen (sinds 1959) heeft voor de stad Groningen een bodemdaling tot gevolg: gemiddeld 10 cm. (2004). De hogere waterstanden die daarvan het gevolg zijn maken in het begin van de eeuw een verhoging van kades en dijken noodzakelijk (Hoornsediep, Eemskanaal). Er worden in de stad met regelmaat ook niet-natuurlijke aardbevingen waargenomen (tot een magnitude van 3.5 op de schaal van Richter, augustus 2006, id. 3.6 in augustus 2012). In 2014 wordt bekend dat binnen een periode van drie jaar bevingen mogelijk zijn met een magnitude van 4.1. Er is een kans van 10% op hogere waarden. Aanmerkelijke schade aan woningen en aan cultureel erfgoed in de stad is dan niet uitgesloten. In de periode 2012-2014 zijn vanuit de stad Groningen ruim 700 schades gemeld. Daaronder 170 uit de binnenstad, w.o. aan de Martinikerk. In totaal lopen 17.000 bestaande en toekomstige woningen in de stad Groningen en in Meerstad risico's op schade door aardbevingen.
    De combinatie van bodemdaling en zeespiegelstijging maakt dat de provincie Groningen kwetsbaarder wordt in het geval van extreme weersituaties.
    • In de kern van het gaswinningsgebied treedt momenteel een bodemdaling op van 0.30 m. (tot 2070 oplopend tot 0.47 m., volgens een enkele wetenschapper zelfs tot 0.60 m.). In adviezen aan de regering wordt gerekend met een zeespiegelstijging (als gevolg van opwarming van de aarde) van 0.20 - 0.40 m. tot 2050 en 0.65 - 1.30 m tot 2100. Bij een stijging van 1 m. zonder adequate aanpassing van de dijkhoogten (inmiddels voorzien vanaf 2015) blijft in de provincie Groningen alleen een deel van Westerwolde gespaard. Overigens blijft de feitelijke zeespiegelstijging rond 2010 op jaarbasis nog beperkt tot plm. 0.035 cm.
    Op 1 juli 2008 wordt een nieuwe Wet ruimtelijke ordening van kracht. Daarin worden gemeenten ruimere bevoegdheden toegekend, onder meer op het punt van het vaststellen van bestemmingsplannen. Het fenomeen 'streekplan' komt in de wet niet meer voor. Het 'structuurplan' is vervangen door een 'structuurvisie'. In bestemmingsplannen dient een cultuurhistorische paragraaf te worden opgenomen. Vanaf 2012 is daartoe voorafgaand cultuurhistorisch onderzoek voorgeschreven.
    • In verband met de aanleg van een transferium bij de Peizerweg is in 2008 een beperkte grenswijziging (3 ha) overeengekomen met de gemeente Noordenveld (ten gunste van Groningen). Daarmee is ook de provinciale grens met Drenthe gewijzigd.
    • De provincie Groningen doet sinds eind 2011 onderzoek naar een mogelijke gemeentelijke herindeling, in te voeren uiterlijk 1 januari 2018. Geconstateerd wordt dat door het rijk steeds meer taken worden overgeheveld naar de gemeenten. Niet alle bestaande gemeenten zijn daartoe adequaat uitgerust. Voor de gemeente Groningen is een fusie met de gemeenten Haren en Ten Boer in beeld. Ook zou Meerstad in z'n geheel tot een gemeente kunnen gaan behoren. Sinds 2006 neemt Groningen al een groot deel van de ambtelijke taken voor de gemeente Ten Boer waar. Het inwoneraantal van de nieuwe gemeente Groningen zal, in geval van een fusie, stijgen tot plm. 222.000.

    Omhoog
    339

    Nog juist in de 20e eeuw verschijnt ĎDe stad van straks extra: Groningen in 2010í, een ontwikkelingsprogramma voor stedelijke vernieuwing. Het wordt in 2008 gevolgd door 'De stad op scherp', een ruimtelijke ontwikkelingsvisie die reikt tot 2025. Enkele hoofdlijnen uit beide nota's:

    • Verruiming en versterking van de binnenstad met gebieden met specifieke functies zoals de Westerhaven, bestemd voor grootschalige detailhandel (in 2001 gereed gekomen, commercieel een succes, maar door stedenbouwkundigen bekritiseerd wegens het verlies aan openbare ruimte); het Ebbingekwartier (laboratorium, werkplaats en podium voor creatieve functies, 2007); het Sontplein (grootschalige detailhandel, 2007).
    • Hoogwaardige gebiedsontwikkeling langs de as Sontweg - Driebond (onder meer de toegangsroute naar Meerstad); idem in het gebied Europapark/Kempkensberg en in het Zernike-sciencepark. Ontwikkeling van het gebied ten noorden van het UMCG (Bodenterrein) en het Martiniziekenhuis. De zgn. 'Diepenring' zal opnieuw worden ingericht (vanaf 2009).
    • In 2010 wordt vastgesteld dat nieuwe kantoorontwikkeling in het stationsgebied niet meer aan de orde is. Wel worden (2011) plannen ontwikkeld om het station Groningen ook aan de zuidzijde te ontsluiten.
    • Programmaís van wijkvernieuwing, met sloop, renovatie/herindeling en nieuwbouw van (sociale huur)woningen; het voorkomen van een eenzijdige bevolkingsopbouw; aandacht voor buurteconomie en het sociaal-cultureel voorzieningenniveau; beheers- en onderhoudsprogrammaís. Gestreefd wordt naar levensloopbestendige woonmilieus en naar onderscheidende wijken.
      Het door het Rijk geinitieerde grotestedenbeleid wordt in de 21e eeuw voortgezet met soortgelijke programma's in zgn. 'Vogelaarwijken' (naar de gelijknamige minister).
    • De ontwikkeling van nieuwe - thematische Ė bedrijventerreinen en kantoorlocaties; de herstructurering van bestaande terreinen. Rond 2010 is de vraag naar bedrijfs- en kantorenlocaties evenwel sterk gedaald, in hoofdzaak als gevolg van economische omstandigheden.
    • In de oostelijke ringweg worden ongelijkvloerse kruisingen aangebracht (rond 2013). De verdere uitbouw van de zuidelijke ringweg (met een gedeeltelijk verdiepte ligging en overkluizingen of 'tunneldeksels', zoals in 2009 definitief wordt besloten). Met de uitbouw hangt samen de bouw van een Helperzoomtunnel ter vervanging van de overweg Waterloolaan. Het geheel moet in 2020 gereed zijn.

    Omhoog
    340

    In 2003 wordt vastgesteld de Binnenstadsvisie 'Hart in de Stad', met als hoofddoelstellingen het behoud van de multifunctionaliteit en het versterken van de uniciteit van Groningen in nationaal opzicht.
    Het karakter van de binnenstad wordt ook in het begin van de 21e eeuw verder voor een belangrijk deel bepaald door de wijze waarop de detailhandel zich ontwikkelt. Het aantal zelfstandige ondernemers daalt; het aantal filialen van landelijke ketens vertoont een stijgende tendens.

    • In de binnenstad is vooral sprake van boodschappen doen, vergelijkend winkelen en recreatief winkelen. Een vierde variant, het doelgericht winkelen, ondervindt concurrentie van woonwarenhuizen, meubelboulevards en tuincentra, die buiten de binnenstad zijn gevestigd. Het belang van specifieke voorzieningen in de binnenstad die de verblijfsfunctie versterken wordt groter. Het gaat daarbij om een combinatie van gezelligheid, de beleving van cultuurhistorische waarden, winkelen, horeca, cultuur en evenementen.
    • Halverwege de jaren tien neemt het winkelen via internet een grote vlucht: in 2013 is landelijk 57 % van de internetgebruikers frequent E-shopper. De effecten daarvan op de omvang van het fysieke winkelbestand zijn nog niet duidelijk. Wel is in de periode 2011-2013 het aantal winkelvestigingen(650 in 2011) gedaald met 5 %. Plm. 13.5 % van de beschikbare winkelruimte staat leeg (2013).
    Er is ook aandacht voor het beheer en de promotie van de binnenstad in de vorm van binnenstadsmanagement en citymarketing. Het aantal bezoekers bedraagt op jaarbasis plm. 24-26 miljoen (2013). Niet-inwoners van Groningen zijn verantwoordelijk voor 42 % van het bezoek aan de binnenstad en voor 60 % van de bestedingen.
    Tweederde van de bezoekers aan de binnenstad komt om te winkelen; in totaal 16 % kan als toerist worden aangemerkt. Groningen is in 2006 de vijfde stad in Nederland voor wat betreft de aantallen dagtoeristen (4.5 miljoen).
    • In 2006 komt een onderzoek gereed naar de haalbaarheid van een kabelbaan tussen stadion Euroborg en de Grote Markt (via het UMCG). De (toeristische) vervoerspotentie wordt hoog ingeschat. Een jaar later zegt het gemeentebestuur niet te willen meewerken aan de eventuele realisatie van het trajectgedeelte UMCG - Groninger Forum. Het initiatief is daarmee voorlopig van de baan. In 2011 nemen de binnenstadsondernemers opnieuw het voortouw om alsnog tot de bouw van een kabelbaan ('fly over') te komen. In juli 2011 zegt het gemeentebestuur toe alsnog aan het plan voor een kabelbaan mee te werken mits daaruit geen financiŽle verplichtingen voor de stad voortvloeien. De kosten van een kabelbaan bedragen (begin 2013) 30 miljoen; de voorbereiding ervan duurt zeker vijf jaar.
    • De VVV gaat in 2003 op in het Marketingbureau Groningen. In 2004 wordt besloten de 'provinciale' slogan 'Er gaat niets boven Groningen' (1989) ook voor de positionering van de stad Groningen in te zetten. De gemeente Groningen gebruikt vanaf 2008 daarnaast de enkele aanduiding 'Stad.' (met een punt).
      In 2004 wordt - uit toeristische overwegingen - een 30-tal gangen in de binnenstad opgeknapt en van informatiepanelen voorzien.

    Omhoog
    341

    In november 2004 is een plan gepresenteerd in het kader van de herontwikkeling van de oostelijke wand van de Grote Markt.
    Het plan omvat onder meer - aan een nieuw plein achter de Grote Markt - de bouw van het Groninger Forum dat als nieuw icoon voor de stad moet dienen (zie par. 364). De oostelijke wand wordt in het plan dichter naar het marktplein gesitueerd. Er zullen winkels en horeca-ondernemingen een plaats kunnen vinden. Ook wordt gedacht aan een hotel. De uitmonding van het Martinikerkhof op de Grote Markt - met als hoekpand een nieuw gebouw voor studentensociŽteit Mutua Fides - wordt versmald. Het geheel zal in 2017 voltooid zijn en is mede bedoeld om 'de Grote Markt zijn grandeur terug te geven'.
    Voor wat de ontwikkeling van de noordelijke wand van de Grote Markt en van het marktplein zelf betreft is er vanaf 2007 een discussie gaande over het bouwblok tussen Kreupelstraat en O.Ebbingestraat.

    • De inwoners van Groningen (en ook anderen) kunnen in 2007 kiezen uit een zevental ontwerpen van gerenommeerde architecten voor het Groninger Forum. Uitgebracht worden niet minder dan 21.600 stemmen.

    Omhoog
    342

    In het noordoostelijk deel van de voormalige vestinggordel wordt in het begin van de eeuw de wijk Ciboga gebouwd (plm. 1.200 woningen).
    Ciboga sluit aan op de Korreweg en op het AZG. In 2003 vindt een ingrijpende herziening van het stedenbouwkundig plan plaats. De architectuur wordt versoberd, maar de wijk blijft autoluw.
    In het begin van de eeuw wordt ook gebouwd in de buitenwijken Piccardthof, Gravenburg en Reitdiep (in deze wijk o.m. ook een jachthaven met 200 ligplaatsen), terwijl een aanvang wordt gemaakt met het bouwen van woningen in de nieuwe wijken De Linie (rond de Euroborg en het oostelijk deel van de voormalige Helperlinie). De verdere ontwikkeling van de De Held III wordt in 2011 daarentegen stilgelegd.
    In 2004 wordt, onder de naam 'De Intense Stad', een plan gepresenteerd met 35 bouwlocaties binnen de bestaande stad, geschikt voor functiemenging en verdichting. In 2006 wordt een eerste object gerealiseerd (de Palladiumflat in Vinkhuizen). Aansluitend is er in 2009 een plan om op 30 locaties grondgebonden laagbouwwoningen te realiseren.

    • In 2002 wordt een verdubbeling van het aantal tot 2010 te bouwen woningen aangekondigd (tot 1.800 woningen per jaar). Deze doelstelling wordt in de jaren daarna niet gehaald. In 2004 worden slechts 600 nieuwe woningen gebouwd; in 2009 daarentegen plm. 1.300.
      Airconditioning in particuliere woningen vindt in het begin van de eeuw op bredere schaal toepassing.
    • De sluiting van ťťn van de suikerfabrieken in 2008 (zie par. 366) heeft tot gevolg dat 3-400 ha bedrijventerrein (inclusief vloeivelden) op een binnenstedelijke locatie beschikbaar komt voor andere doeleinden. Besloten is voor het gebied vooralsnog geen nadere plannen te ontwikkelen, om met name de ontwikkeling van Meerstad niet in gevaar te brengen.

    Omhoog
    343

    Oostelijk van de stad, deels op grondgebied van de gemeente Slochteren, wordt in 2008 begonnen aan de bouw van Meerstad , een zelfstandig woongebied dat uiteindelijk plm. 10.000 woningen zou moeten omvatten. Meerstad - globaal het oude Scharmerzijlvest - krijgt daarnaast een belangrijke functie als recreatiegebied, tevens waterberging (600 ha: groter dan het Zuidlaardermeer). De eerste woningen komen in 2011 gereed. In hetzelfde jaar wordt besloten - gegeven de economische omstandigheden - slechts maximaal 6.500 woningen te bouwen in de periode tot 2035-2040. Meerstad ten noorden van het Slochterdiep wordt dan ook eerst na 2025 ontwikkeld.
    In 2005 is een begin gemaakt met woningbouw in de wijk Ter Borch in Eelderwolde, deels in de gemeente Tynaarlo. De wijk zal 1.250 woningen tellen en worden ontwikkeld in samenwerking met de Vereniging Natuurmonumenten.
    Een groot deel van het recreatiegebied Kardinge wordt (2004) door Natuurmonumenten beheerd.

    Omhoog
    344

    De architectuur in Groningen kenmerkt zich aan het begin van de eeuw niet meer door confrontatie en conflict, maar door een 'herinterpretatie van het verleden'. De stadsbouwmeester ziet als oorzaak het tegemoet willen komen aan het toenemend verlangen naar een vertrouwde omgeving dicht bij huis: gevolg van de mondialisering. De architectuurnota 'Tekenen voor de stad' (2006) benadrukt nog eens de verantwoordelijkheid van de gemeente voor de ruimtelijke en sociale samenhang in de inrichting van de stad. In 2010 spreekt het gemeentebestuur uit bijzondere aandacht te willen geven aan de kwaliteit van architectuur en stedebouw. Hetzelfde geldt voor het cultureel erfgoed.
    In mei 2002 is door de gemeenteraad een beleidsnota hoogbouw vastgesteld. Ook in Groningen wordt nu hoogbouw mogelijk (in gebieden buiten de historische binnenstad), mits het gaat om kwalitatief hoogwaardige architectuur die bovendien op de begane grond functioneel goed is in te passen.

    • Twee nieuwe rijkskantoorgebouwen langs de Weg der Verenigde Naties bij Kempkensberg (2011) zijn tot 92 m. hoog. (De Martinitoren meet 97 m.).
    • In 2014 worden in een gemeentelijke nota diverse acties aangekondigd rond het thema 'Ruimtelijke Kwaliteit'.

    Omhoog
    345

    In het begin van de eeuw verzorgt een zestal woningbouwcorporaties (w.o. die in de vroegere gemeenten Hoogkerk en Noorddijk) de bouw en het beheer van sociale huurwoningen. In 2001 wordt de naam van woningbouwvereniging Volkshuisvesting gewijzigd in IN. Onder de naam Lefier is IN in 2009 samengegaan met enkele niet-Groningse corporaties.
    In 2003 fuseren de corporaties in Hoogkerk en Noorddijk tot de nieuwe corporatie Woonstade (in 2012, na een nieuwe fusie met een elders gevestigde corporatie, verandert de naam in Steelande).

    • Overigens verstrekt het rijk sinds 1995 geen subsidies meer voor de bouw van sociale huurwoningen. Daarmee is de rol van de woningbouwcorporaties niet meer fundamenteel verschillend van die van projectontwikkelaars. Ook in Groningen worden sociale huurwoningen verkocht om met de opbrengst daarvan in nieuwbouw en wijkvernieuwing te kunnen investeren.
      De marktwerking heeft in het begin van de eeuw een groot tekort aan betaalbare woningen tot gevolg. Bovendien is het voor de gemeentelijke overheid niet meer mogelijk om met behulp van subsidies gewenste ontwikkelingen volledig te sturen.
    • Het aantal panden dat mag worden bestemd voor kamerverhuur (aan studenten) wordt - in overleg met bewoners - per wijk vastgesteld (op maximaal 15 %, 2010). In de binnenstad geldt geen beperking. Tot 2014 zullen - op basis van de Structuurvisie Wonen 2010-2020 - 4.500 extra wooneenheden voor jongeren worden gebouwd.

    Omhoog
    346

    Het stedelijk glasvezelnet is aangesloten op het Europese net en op het (in de Eemshaven aanlandende) Tycom global Network.
    Groningen Internet Exchange (GN-IX) is een internationaal internet-knooppunt. In de stad (en bij de Eemshaven) staan grote internationale datacentra, onder meer van Google.
    Een draadloos wi-fi netwerk voor de binnenstad en Zernike is gereed in 2010. Het kent geen hotspots.

    • Draadloos Groningen zou, volgens de oorspronkelijke plannen, in 2011 in de gehele gemeente operationeel hebben moeten zijn. Eind 2010 wordt het project evenwel voorlopig gestaakt. In 2013 wordt het netwerk in de binnenstad weer opgestart.
    In 2013 heeft 95 % van de Nederlandse huishoudens toegang tot internet. Het aantal vaste telefoonaansluitingen vertoont een dalende tendens. In 2010 wordt voor het eerst meer mobiel gebeld dan via het vaste net. Smartphones zijn sinds 2008 op de markt. In 2013 heeft twee derde van het aantal gezinnen een smartphone met internettoegang ter beschikking.
    • Alle postkantoren worden in het begin van de eeuw gesloten; het 'Hoofdpostkantoor' aan het Munnekeholm in 2009. De posterijen in Nederland zijn in 1989 geprivatiseerd en afgesplitst van de telefoondienst. In 2011 vindt opnieuw een splitsing plaats: nu tussen de brievenposterij en de pakketdienst.
      Het verzenden van telegrammen is sinds 2004 volledig geprivatiseerd; de openbare telexdienst (sinds 1933 via de telefoondienst) is beŽindigd in 2007.

    Omhoog
    347

    In 2006 stelt het gemeentebestuur vast dat binnen Groningen de nog steeds toenemende automobiliteit stuit op fysieke en milieugrenzen. Daarom wordt onder meer ingezet op verruiming van de capaciteit van de ringwegen. In de eerste decenna van de eeuw gaat het daarbij om de zuidelijke en westelijke ringweg. Met name de zuidelijke ringweg is een knelpunt.

    • Het daily urban system heeft betrekking op 160.000 verplaatsingen per dag). Daarvan vindt 74 % per auto plaats en 26 % met het openbaar vervoer (gelijk verdeeld tussen trein en bus). Het aantal vervoersbewegingen in en uit Groningen per (brom)fiets, e.d. bedraagt daarnaast plm. 21.000. De inkomende werkpendel (60.000) is 2.25 maal de uitgaande pendel. Het aantal motorvoertuigen in de gemeente Groningen bedraagt in 2011 in totaal 81.660 (het aantal personenwagens 67.570).
    • Een extra verbinding tussen de rijkswegen A28 en A7, waarvan sinds 1995 sprake is (par. 290), wordt in 2009 definitief geschrapt uit het Provinciaal Omgevingsplan. Een verkorte verbinding tussen A7 en Beneluxweg komt in hetzelfde jaar gereed.

    Omhoog
    348

    De exploitatie van de spoorlijnen van Groningen naar Nieuweschans (-Leer), Delfzijl en Roodeschool is sinds mei 2000 gegund aan het bedrijf Arriva (eerder NoordNed). Vanaf oktober 2007 is aan de lijn Groningen - Bad Nieuweschans (-Leer) ook een voorlopige halte Groningen-Europapark geopend. Het eigenlijke station - ook voor de stoptreinen naar Zwolle - is eind 2012 gereed gekomen.

    • Arriva exploiteert sinds 1999 ook de lijn naar Leeuwarden en de nevenlijnen in Frysl‚n. In de periode 2002-2008 stijgt het vervoer op de regionale lijnen in Groningen gemiddeld met 27 %; dat op de lijn naar Bad Nieuweschans zelfs met 56 %.
    • Regulier personenvervoer tussen Groningen en Veendam vindt plaats sinds 1 mei 2011. Een aansluitende verbinding met Stadskanaal wordt beoogd in 2017. Een voortgezet onderzoek naar de mogelijkheden daartoe wordt eind 2012 door de provincie aangekondigd. Sneltreinen naar Duitsland worden voorzien begin 2017. Op de lijn naar de Eemshaven (-Borkum) zal vanaf 2017 ook personenvervoer plaats vinden.
    • In 2006 komt bij het station Groningen een stallingsmogelijkheid voor 4.500 rijwielen gereed (in 2010 uitgebreid met nog eens 650 plaatsen). Er zijn dan in totaal plm. 9.000 stallingsplaatsen. In 2020 zullen 15.000 plaatsen noodzakelijk zijn.
    • In 2020 is het station geen kopstation meer. De regionale treinen zullen ook andere stations gaan bedienen. Het aantal perrons zal worden uitgebreid.
    In november 2007 besluiten het kabinet en de Tweede Kamer opnieuw geen snelle spoorverbinding tussen Amsterdam en Groningen aan te leggen. Voor zo'n verbinding - liefst uit te voeren als magneetzweefbaan - is sinds 1992 door de Noordelijke provincies gelobbied.
    • Een Zuiderzeelijn in de vorm van een hogesnelheidslijn zou niet verantwoord te exploiteren zijn en het 'ruimtelijk-economische structurerend rendement' is te beperkt. Een nieuwe regionale spoorlijn Groningen - Drachten - Heerenveen is een onderdeel van het vervangend pakket aan maatregelen, maar blijkt (in 2012) voor het beschikbare bedrag niet te realiseren. De provincie Groningen heeft een onderzoek aangekondigd naar een mogelijke railverbinding tussen Groningen en Leek/Roden.

    Omhoog
    349

    Het rioleringsstelsel heeft eind van de jaren tien een lengte van plm. 875 km. De rioolzuiveringsinstallatie in Garmerwolde wordt rond 2012 gerenoveerd en uitgebreid. Zie ook par. 300.

    Omhoog
    350

    Het stads- en streekvervoer is in het begin van de eeuw geconcentreerd aan de noordzijde van het station Groningen. In 2002 gaat het daarbij om 3.000 bussen per dag, die tezamen 23 lijnen naar de verschillende stadswijken en 53 streeklijnen bedienen. Snelbussen als die naar Emmen, Assen en Drachten rijden tijdens de spitsuren elk kwartier. Acht keer per dag (2012) is er een busverbinding met Bremen. Door de binnenstad rijden dagelijks meer dan 900 bussen.

    • De prognoses voor het aantal verkeersbewegingen naar en van Groningen (tot 215.000 per dag in 2020) leiden vanaf 1997 tot discussies en besluiten over het toekomstige openbaar vervoer in de regio, naderhand aangeduid als het Kolibri OV-netwerk,waarin onder meer tramverbindingen in Stad die aan het openbaar vervoer een kwaliteitsimpuls zouden moeten geven. Tegenstanders, ook die in de gemeenteraad, spraken evenwel van een prestigeproject. De politieke onenigheid leidt in 2012 tot het besluit geen tramlijnen aan te leggen.
    • Volgens de plannen zouden twee stadslijnen - naar Zernike en Kardinge - in 2016 gereed hebben moeten zijn. Voor de tramverbindingen in de 20e eeuw zie par. 294; voor die in de 19e eeuw par. 229.)
    • De verbindingen tussen het stadscentrum en de grote P&R-terreinen worden sinds 1994 onderhouden met speciale citybussen (1.5 miljoen passagiers in 2007). De lijn Haren- Europapark via Grote Markt en UMCG telt gemiddeld 1.650.000 passagiers per jaar (2013).
    • De toename van het aantal elektrische fietsen (e-bikes) leidt mogelijk (2013) tot het aanpassen van rijwielpaden.

    Omhoog
    351

    Sinds 1984 is sprake van plannen voor baanverlenging op Airport Groningen Eelde. Het initiatief is daarna verstrikt geraakt in een reeks van vertragende procedures. In 2012 zijn uiteindelijk alle bezwaren door de Raad van State verworpen en wordt een begin gemaakt met de uitvoering. In april 2013 is de baan geopend. Er is echter geen eenstemmigheid over de reŽle kansen op een positief rendement van de luchthaven.

    Omhoog

    Bevolking

    352

    De gemeente Groningen (oppervlakte 83.7 km2) heeft per 1 januari 2014 197.800 inwoners (medio 2000 plm. 173.500, per 1 januari 2013 195.800; een inwonertal van 200.000 is officieel geprognosticeerd voor 2018). In 2013 vestigden zich in Groningen 18.300 personen; 16.600 zijn vertrokken. Het geboorteoverschot bedraagt 685 personen.
    In 2009 is 11.3 % van de bevolking 65 jaar of ouder (dit percentage zal rond 2025 20 % bedragen, in 2002 was het 12.5 %); de leeftijdsgroep 20 - 29 jaar omvat ruim 26 % van de bevolking. De gemiddelde levensverwachting in Nederland aan het begin van de eeuw is voor mannen 78 jaar; voor vrouwen 82.3 jaar. Gerekend wordt met een stijging van drie maanden per jaar.
    Het aantal huishoudens in de stad bedraagt in 2009 88.100. Daaronder 39.200 eenpersoonshuishoudens; 29.200 meerpersoonshuishoudens zonder kinderen en 19.900 huishoudens met kinderen. Het aantal eenpersoonshuishoudens zal tot 2025 nog oplopen met ruim 24 %, het aantal tweepersoonshuishoudens met 15 %.
    Het aantal allochtonen in 2000 bedraagt 30.700 (17.5 % van de bevolking; in 2009 19.7%: de helft daarvan is afkomstig uit een niet-westers land). Daaronder 4.400 Duitsers, 3.100 Surinamers en 3.200 Antillianen en Arubanen. Van Turkse origine zijn in 2011 1.400 Groningers; van Marokkaanse herkomst 1.100. In de 21e eeuw neemt het aantal Duitsers verder toe (tot 5.600 in 2011); ook het aantal Chinezen loopt op (tot 1.562). De inwoners van de gemeente Groningen behoren tot 184 nationaliteiten.
    Groningen telt aan het begin van de eeuw 83.300 zelfstandige woningen (1.021/km≤). De bevolkingsdichtheid is (2009) 2.200 inwoners/km2.

    Omhoog

    Zingeving, zorg en welzijn

    353

    De betekenis van de historische kerkgenootschappen als bezielende instituties die de sociale cohesie binnen de Nederlandse samenleving bevorderen, is in het begin van de 21e eeuw nagenoeg vervallen. Religie, c.q. spiritualiteit wordt in toenemende mate individueel, dan wel in lossere verbanden beleefd. Evangelische gemeenten beleven een opbloei, die deels ten koste gaat van meer traditionele groeperingen.
    Genoemde ontwikkeling houdt niet in dat normen en waarden die zijn ontleend aan de christelijke godsdienst hun betekenis volledig hebben verloren. Ook het christelijk erfgoed houdt zijn waarde. Van een daarop gebaseerde 'publieke religie' kan evenwel niet meer worden gesproken.
    In Groningen (en Haren) rekent - volgens een beperkt onderzoek van de RUG in 2003 - 76 % van de inwoners zich niet meer tot een kerkgenootschap. In het geheel niet meer religieus georiŽnteerd is plm. 60 % van de bevolking (2007). Dit percentage wordt bevestigd in een onderzoek van Een Vandaag (2013) dat geldt voor de provincie als geheel.

    353.1. In 2004 vindt een fusie plaats tussen de Nederlandse Hervormde Kerk (daarin begrepen de Eglise Wallonne), de Gereformeerde kerken in Nederland en de Evangelisch Lutherse kerk.
    In de stad Groningen telt deze Protestantse Kerk in Nederland in 2013 ca. 13.200 leden (ca 7 % van de bevolking; in Hoogkerk is een afzonderlijke PKN-gemeente). De evangelisch-lutherse streekgemeente (120 leden uit de stad) functioneert zelfstandig.
    Ongeveer 26 % van de leden van de PKN is belijdend lid, de andere zijn zgn. 'doopleden'.

    • In Groningen en Haren noemt in 2003 ca. 6 % van de inwoners zich rooms-katholiek. Op basis van cijfers voor het gehele bisdom (107.000 zielen in 2010) zou het aantal rooms-katholieken in de gemeente Groningen momenteel plm. 9.600 moeten bedragen. Er zijn drie afzonderlijke parochies. Het bisdom gaat (2010) uit van een terugloop van het ledenaantal met 20 % in de periode tot 2020; respectievelijk van een terugloop in het aantal kerkgangers met 40 %. Het r.-k. bisdom Groningen draagt sinds 2006 de naam Groningen-Leeuwarden. De toevoeging verwijst naar het ooit zelfstandige bisdom Leeuwarden (1559-1580). In Groningen is ook een oud-katholieke parochie (Witte de Withstraat).
    • De overige denominaties zijn - op basis van historische gegevens - onder te verdelen in vrijzinnige groeperingen (vrijzinnig hervormden, doopsgezinden, remonstranten en apostolischen) 0.7 %; orthodoxe groeperingen als de reformatorische kerken (3.8 %, daaronder christelijke gereformeerden, vrijgemaakt gereformeerden, nederlands gereformeerden, hersteld gereformeerden en de gereformeerde gemeente) en evangelische gemeenten (2.5 %, daaronder baptisten gemeenten, pinkstergemeenten, het Leger des Heils en de zevendedagsadventisten); overige 2.5 % (daaronder enkele orthodoxe kerken van buitenlandse origine en de joodse gemeente).
    • Het aantal feitelijke kerkgangers beperkt zich (2008) bij de protestantse en de rooms-katholieke kerk tot plm. 6 % van het aantal geregistreerde leden. Bij sommige andere kerkgenootschappen ligt het hoger.
    Aan de historische (d.w.z. vůůr 1900 gebouwde) kerken die (deels) aan hun aanvankelijke bestemming zijn onttrokken is in 2004 toegevoegd de Remonstrantse kerk (1883, Coehoornsingel). De Martinikerk en de Nieuwe Kerk zijn op zondag opnieuw in gebruik als regulier kerkgebouw, nadat nieuwere gebouwen zijn afgestoten.
    Van de jongere kerken worden in 2008 gesloten de gereformeerd vrijgemaakte Noorderkerk (Akkerstraat, 1920, te verbouwen tot appartementengebouw) en de baptistenkerk aan de Meeuwerderweg (1927, idem). Een voormalige bouwmarkt aan de Friesestraatweg wordt in 2012 verbouwd en in gebruik genomen door een Vrije Baptisten Gemeente.

    Omhoog
    354

    Bij de aanvang van de eeuw loopt 15 % van de 40.000 jongeren (- 23 jaar) het risico van normoverschrijdend gedrag.
    Van de inwoners van Groningen heeft 22 % te kampen met een ernstige psychische problematiek; 8 % met eenzaamheid (2007).

    • Plm. 800 inwoners maken gebruik van voorzieningen voor maatschappelijke opvang (2008). Verder zijn er 800 problematische drugsverslaafden (van de in totaal 1.900 drugsverslaafden). Een 550-tal inwoners wordt behandeld wegens alcoholverslaving (16 % van de volwassenen drinkt ten minste 1x per week zes glazen of meer); 55 wegens een gokverslaving. Tot 200 personen veroorzaken overlast.
      Om overlast en (gewelds)criminaliteit tegen te gaan voert de overheid een veiligheidsbeleid (met instrumenten als cameratoezicht en - in beginsel - elektronisch toezicht en nachtdetentie).
    In het begin van de eeuw (2007) is bij 41 % van de volwassen Groningers sprake van overgewicht.

    Omhoog
    355

    De sinds 1945 opgebouwde 'verzorgingsstaat' wordt in deze eeuw steeds meer gelimiteerd. Zo wordt de Algemene Bijstandswet (oorspronkelijk uit 1965) in 2004 vervangen door de Wet Werk en Bijstand. De nieuwe wet verplicht in beginsel iedereen om naar vermogen algemeen geaccepteerde arbeid te zoeken en te aanvaarden voordat een uitkering kan worden verkregen. De sinds 1996 bestaande mogelijkheid om bepaalde groepen uitkeringsgerechtigden collectief toeslagen toe te kennen is vervallen. Jongeren tot 30 jaar zijn verplicht in ruil voor een uitkering door de gemeente op te leggen activiteiten te verrichten. In Groningen zijn er (2003) 8.500 uitkeringsgerechtigden in het kader van de ABW. In 2009 zijn er 7.860 WWB- uitkeringsgerechtigden
    Het besteedbaar inkomen in 2012 bedraagt in de gemeente Groningen gemiddeld Ä 19.700 per persoon (landelijk Ä 24.100). Van alle Groningse huishoudens behoren 31 % tot de laagste inkomensgroepen; 12 % tot de hoogste.
    De invoering van de Wet Maatschappelijke Ondersteuning vanaf 2007 vergroot de gemeentelijke verantwoordelijkheid voor een reeks zorgvoorzieningen, tot dusverre geregeld op rijksniveau. Daaronder de volledige thuiszorg, voorzieningen voor ouderen en gehandicapten, het verstrekken van hulpmiddelen en woningaanpassingen. Verzorgingstehuizen voor ouderen maken in de eerste decennia van de eeuw plaats voor zorgwoningen rond een zorgpunt of verpleegunit. De kosten van zorg en huur worden afzonderlijk berekend aan de afnemers.
    De gemeenten zullen vanaf 2015 ook verantwoordelijk zijn voor de volledige jeugdzorg, inclusief onder meer de geestelijke gezondheidszorg voor jeugdigen en de gesloten jeugdzorg. Een en ander is geregeld in de Jeugdwet.
    355.1 In de periode 2012-2016 zal- als gevolg van nieuwe wettelijke maatregelen - het aantal personen, werkzaam in de Sociale Werkvoorziening verminderen van 13.500 tot 4.500, zullen 4.000 cliŽnten vanuit de Wet Algemene Bijzondere Ziektekosten (AWBZ) worden overgeheveld naar de Wet Maatschappelijke Ondersteuning en zal het aantal jeugdigen in aanmerking komend voor Jeugdzorg toenemen met 3.500.
    In de jaren tien worden individuele aanspraken op overheidssteun uit politieke en financiŽle overwegingen drastisch beperkt en wordt voor veel taken een beroep gedaan op vrijwilligers.

    Omhoog
    356

    De voorzieningen voor kinderopvang (ruim 1.000 plaatsen in 2003) worden gevarieerder. Vanaf 2007 zijn basisscholen verplicht te voorzien in voor-, tussen- en naschoolse opvang van hun leerlingen. Overigens worden na 2010 ook bezuinigd op de toeslagen voor de kosten van kinderopvang.

    Omhoog
    357

    In 2005 verandert de naam van het Academisch Ziekenhuis Groningen in Universitair Medisch Centrum Groningen (UCMG), dat niet alleen het ziekenhuis, maar ook de medische faculteit van de RUG omvat. Het ziekenhuis telt 1340 bedden. Een nieuw Martini-ziekenhuis (580 bedden) aan de Van Swietenlaan wordt in 2007 in gebruik genomen. Plm. 27 % van de patiŽnten in de ziekenhuizen is afkomstig uit de stad.

    Omhoog

    Onderwijs

    358

    De stad Groningen beschikt in 2005 over een tiental vensterscholen. Dit aantal zal nog worden uitgebreid.

    • Het uit ScandinaviŽ afkomstige concept van de vensterschool gaat uit van de wederzijdse beÔnvloeding van school en buurt en is gericht op de opvoeding van kinderen tot 15 jaar en van hun ouders. Praktisch is de school een samenwerkingsverband van een reeks instellingen, die Ė ook na de reguliere schooltijden - gedurende een zogenaamde Ďverlengde schooldagí een breed scala aan activiteiten aanbieden. Voorbeelden daarvan zijn: kinderopvang, peuterspeelzalen, muziekonderwijs, culturele activiteiten, sport, opvoedingsondersteuning en volwasseneneducatie. Het gemiddelde deelnamepercentage is 33 % (in 2002).
      Het concept, in Nederland voor het eerst toegepast in Groningen, staat inmiddels ook wel bekend als Ďbrede schoolí.
    • Na een evaluatie wordt in 2012 besloten in het samenwerkingsverband de school als onderwijsinstelling de regierol te geven en de aandacht nadrukkelijker te concentreren op onderwijs en opvang. Met de zogeheten Nieuwe Vensterschool is Groningen koploper in de ontwikkeling van integrale kindcentra.
    Alle leerlingen in het basisonderwijs behoren in 2004 in het bezit te zijn van een Ďdigitaal rijbewijsí. Op een enkele school wordt in dat jaar ook Engelse les gegeven.
    In 2002 vindt een fusie plaats tussen de schoolbesturen in het protestants en katholiek basisonderwijs (samen 11 basisscholen). Vanaf 2010 vallen alle openbare scholen onder de bestuurlijke verantwoordelijkheid van de Openbaar Onderwijs Groep Groningen. Het gaat dan om 21 basisscholen, 6 scholen voor voortgezet onderwijs en 3 scholen voor speciaal onderwijs.

    Omhoog
    359

    In 2003 bereiken de gemeente en de scholen voor (voorbereidend) middelbaar beroepsonderwijs o.m. overeenstemming over een betere afstemming tussen de theorie- en praktijklessen. Dit met name om vroegtijdige schooluitval te voorkomen. Het VMBO wordt bezocht door 65 % van de leerplichtige jeugd.

    Omhoog
    360

    Aan het begin van de eeuw is 40 % van de bevolking hoog opgeleid (ten minste een HBO-opleiding), 18 % is laag opgeleid (hoogstens VMBO). In 2012 zijn de cijfers 55% en 12%. Er zijn in 2001 20.100 studenten aan de Rijksuniversiteit (2013: 29.500) en 18.200 (2011: 26.000) aan de Hanzehogeschool. In 2012 loopt het aantal studenten aan de RUG terug met ruim 800. De universiteit stelt zich in 2007 tot doel het aantal buitenlandse studenten in zeven jaar te brengen op tot 5.000. In 2012 zijn er 5.700. Het 400-jarig bestaan van de universiteit wordt in 2014 gevierd onder het motto For infinity (t.w. het getal 4 en het wiskundig symbool voor oneindig). Evenals in 1814 en 1914 was het staatshoofd aanwezig bij de feestelijkheden.
    Tot de onderwijsinstellingen in de stad behoort onder meer een reeks kunstvakopleidingen: op het gebied van beeldende kunst en vormgeving, theatervormgeving, nieuwe media, een conservatorium, een dansacademie en een academie voor popcultuur. Al deze opleidingen spelen een rol in de beoogde ontwikkeling van Groningen als creatieve stad.
    Zowel de Rijksuniversiteit als het UMCG ambieert rond 2010 een rol als onderzoeksuniversiteit met internationale opleidingen. De Hanzehogeschool focust zich op AziŽ.

    Omhoog

    Cultuur, media en sport

    361

    Groningen kent in het begin van de eeuw een omvangrijk en gevarieerd cultureel aanbod, mede gerelateerd aan de aanwezigheid van vele grote onderwijsinstellingen en hun studenten. Groningen kent - na Amsterdam en Utrecht - in Nederland het grootste aanbod aan podiumkunsten (2006). Het gemeentelijk cultuurbeleid is nauw verbonden met het economisch beleid. Meer dan 50 % van de bezoekers van culturele manifestaties is niet uit de stad afkomstig.
    Het Groninger Museum heeft medio 2000 aangekondigd zich vooral te willen profileren als kunstmuseum. Een accent ligt daarbij op het Noord-Europees expressionisme, w.o. het werk van de 'De Ploeg'. In 2010 is het gebouw gerenoveerd en gemoderniseerd.

    • Het Groninger Museum ontvangt op jaarbasis gemiddeld 215.000 bezoekers (in 2013: 197.500 bezoekers). Een expositie gewijd aan de Russische schilder Ilja Repin trekt in 2002 in vier maanden alleen al ruim 250.000 bezoekers. Dergelijke tentoonstellingen worden mede mogelijk gemaakt door fondsen uit het bedrijfsleven. Van de bezoekers komt 60 % uit de Randstad en 30 % uit Noord-Nederland; plm 70 % is 55 jaar of ouder.

    Omhoog
    362

    Groningen kent van oudsher nog andere musea. In 2003 verliest echter het Natuurmuseum zijn museumfunctie. Het wordt nog voortgezet als Educatief Centrum voor Natuur en Milieu, maar functioneert als zodanig onvoldoende. Eind 2007 wordt het gesloten.
    Het aan de Rijksuniversiteit verbonden volkenkundig museum 'Gerardus van der Leeuw' wordt in 2003 opgeheven. De collectie is ingebracht in het nu Wetenschapsmuseum genoemde Universiteitsmuseum.
    In april 2004 is - na 11 jaar voorbereiding - een stripmuseum geopend. Het telt plm. 40.000 bezoekers per jaar. Het museum wordt in 2017 ondergebracht in het Groninger Forum.
    Aangekondigd is een permanente tentoonstelling over het joodse leven in het algemeen en dat van de joden in de stad Groningen in het bijzonder. Het Joods Historisch Museum zal worden ondergebracht in de synagoge.
    De villa 'Wall House' van de Amerikaanse architect John Hejduk (gebouwd 2001 in de wijk Hoornse Meer) heeft een functie als gastatelier voor kunstenaars en archtitecten (2005).
    Kernvoorziening voor het cultuurhistorisch erfgoed is het Regionaal Historisch Centrum Groninger Archieven (waarin eerder het Rijks- en het Gemeentearchief zijn opgegaan).

    Omhoog
    363

    In 2001 wordt - in het kader van stadspromotie - een culturele manifestatie gehouden onder de naam 'Blue moon'. Het festival volgt op een soortgelijk evenement 'A star is born', gehouden in 1997. Ook nu is weer gezocht naar een verbinding tussen kunst en architectuur.

    • Groningen kent aan het begin van de eeuw ruim 20 kunstfestivals, waaronder de fotomanifestatie Noorderlicht (ong. 26.000 bezoekers per jaar), het muziek-, dans- en theaterfestival Noorderzon (150.000 in 2012), sinds 1985 het popfestival Noorderslag (in 2004 een 'festival van Europese allure' genoemd),c.q. Eurosonic (in 2004 20.000 bezoekers; in 2014 39.000), het jongerenfestival New Attraction (2003), het TakeRoot-festival voor Amerikaanse muziek (1997) en het jazzfestival Swingin' Groningen (100.000). Het Peter de Grote Festival (kamermuziek, ook op Schiermonnikoog) dateert uit 1997. Van jongere datum (2002) zijn het metalfestival Noordschok en het Jonge Harten theaterfestival.
    De bioscoop Concerthuis/The Movies heet in 2002 art house Images. Bioscoop Camera wordt in 2006 gesloten en vervangen door een mega-bioscoop in de Euroborg.
    In 2002 wordt een officiŽle stadsdichter aangesteld. Hij of zij heeft onder meer tot taak een gedicht te schrijven bij bijzondere gebeurtenissen waarbij de stad is betrokken. In de stad zijn plm. 700 kunstenaars werkzaam (2003).

    Omhoog
    364

    Achter de oostelijke wand van de Grote Markt wordt - volgens plannen die dateren uit 2004 - het Groninger Forum gebouwd. Het Forum wordt omschreven als een innovatief, mensgericht expertisecentrum voor informatie, cultuur, geschiedenis, film en debat '. 'Het belicht actualiteit, geeft geschiedenis betekenis en kijkt naar de toekomst'.

    • Voor wat betreft de weergave van de Groninger geschiedenis wordt vanwege de gemeente gesproken over een 'nieuw concept van historische presentatie, duiding en brede betrokkenheid, zonder last van beperkingen in tijd en ruimte die anders onontkoombaar zijn'. Anno 2013 wordt - bij een actualisatie van de plannen - door het Groninger Forum evenwel de rol van geschiedenis niet meer als 'dragend' betiteld: aan regionale en stadsgeschiedenis wordt geen enkele aandacht meer besteed. Betrokken instellingen hebben inmiddels in een manifest aangekondigd toe te willen 'naar een gezamenlijke visie op de presentatie van de geschiedenis van stad en provincie', voorlopig te concentreren rondom 'thema-activiteiten'. De presentatie zal mogelijk worden geconcentreerd in het Scheepvaartmuseum.
    • In het Groninger Forum werken samen het Groninger Museum, het Regionaal Historisch Centrum, de Groninger Archieven/het Groninger AudioVisueel Archief, de Openbare Bibliotheek met de Volksuniversiteit , Filmtheater Images en het Debatcentrum Dwarsdiep. Vanaf 2015 gaan al deze instellingen, althans voor zover door de gemeente gesubsidieerd, op in een enkele organisatie.
    Het project dient mede om de identiteit van Groningen te versterken, evenals de toeristische infrastructuur.
    Daartoe dienen, naast de basisactiviteiten periodiek ook grootschalige 'smaakmakende, kwalitatief hoogstaande, verbazende en/of controversiŽle programma's te worden aangeboden die vooral buiten stad en regio de naam en faam van het Groninger Forum vestigen'. Uiteindelijk dient het Groninger Forum 1.4 miljoen bezoekers per jaar te trekken. In 2012 is het inhoudelijk Programma van Eisen door de gemeenteraad vastgesteld. In januari 2014 wordt een gewijzigd - meer commercieel getint - PvE gepresenteerd. Het gebouw zelf zal in 2017 worden geopend.

    Omhoog
    365

    Het Nieuwsblad van het Noorden (oplage dan 112.000 exemplaren), het Groninger Dagblad en de Drentse Courant fuseren in april 2002 tot ťťn nieuw Dagblad van het Noorden met in 2003 een gemiddelde oplage van plm. 170.000 exemplaren. Het blad wordt ook verspreid in het Duitse Emsland (2004). In 2013 is de papieren oplage gedaald tot 102.000 exemplaren. Vanaf 1 april 2010 verschijnt het dagblad op tabloidformaat. Het wordt uitgegeven door de Noordelijke Dagbladen Combinatie, waarvan ook de Leeuwarder Courant deel uitmaakt.
    De oplage van alle (regionale) dagbladen vertoont een dalende tendens (plm. 3-4 % per jaar, in 2012/13 7 %). Een betaald abonnement, c.q. het lezen van kranten als zodanig, is (onder jongeren) in het begin van de eeuw niet meer vanzelfsprekend. In Groningen wordt (2013) het Dagblad van het Noorden gelezen in minder dan 19 % van de huishoudens (meelezers inbegrepen). De Volkskrant in 6 %.

    • Hazewinkel Pers, uitgever van onder meer alle dan in de provincie Groningen verschijnende dagbladen, start in 2000 met een stadseditie van het Groninger Dagblad (oorspronkelijk de Winschoter Courant). Het blad concurreert rechtstreeks met het Nieuwsblad van het Noorden, maar wordt in 2002 weer opgeheven.
    Naar de plaatselijke TV zender (OOG-TV) kijkt in 2003 wekelijks 46 % van de Groningers. TV Noord is de publieke zender voor de provincie Groningen (met in 2009 een kijkdichtheid van 19.7 %). Van 2009-2011 exploiteert het Dagblad van het Noorden een eigen tv-zender.
    De Groninger Internet Courant (1997) trekt in 2005 meer dan 1.5 miljoen pageviews. Ook het Dagblad van het Noorden heeft een nieuwssite.

    Omhoog
    366

    In november 1999 zijn de plannen bekend gemaakt voor het multifunctioneel sport- en leisurecomplex Euroborg in het nieuwe woongebied De Linie. Het complex omvat onder meer een nieuw stadion (22.000 plaatsen) voor de F.C. Groningen, een bioscoop, een casino, een wellnesscentrum en onderwijsvoorzieningen.
    Het stadion is in januari 2006 in gebruik genomen (en het Stadion Oosterpark uit 1933 gesloten). Een uitbreiding van het aantal zitplaatsen tot 35.000 lijkt mogelijk; de gemeente Groningen zal daaraan evenwel niet meewerken (2008).
    In 2006 wordt een haalbaarheidsonderzoek aangekondigd naar de aanleg van een golfbaan op een terrein ten noorden van het in ontwikkeling zijnde bedrijvenpark Westpoort.
    Het Congres- en tentoonstellingscentrum Martinihal (1969), annex Evenementenhal (1971) is in 2002 nog aangevuld met het Martinitheater (1.500 zitplaatsen) en een sporthal. Het centrum heet nu Martiniplaza.

    Omhoog
    367

    Vanuit de RUG (Kapteyninstituut) is in 2010 een initiatief genomen tot het realiseren van het Infoversum, een 3D dome theater en kenniscentrum voor wetenschap, bedrijfsleven en cultuur. Het zou niet concurrerend mogen zijn voor het Groninger Forum. De dome - aan de Vrydemalaan - is geopend in juni 2014. Het centrale deel kan 265 bezoekers tegelijkertijd plaats bieden. Het jaarlijks aantal te verwachten bezoekers is 275.000.

    Omhoog
    368

    Sportverenigingen wijzigen in deze eeuw nogal eens hun naam op wens van een (nieuwe) sponsor. Zo is 'Gas Terra Flames' rond 2010 de naam van de vroegere basketbalvereniging 'Donar' (1951). In 2014 neemt Donar haar oude naam weer aan.

    Omhoog

    Justitie en politie

    373

    Het Gerechtshof in Leeuwarden wordt in 2013 onderdeel van een groter geheel: het Gerechtshof Arnhem - Leeuwarden. De Arrondissementsrechtbank en het Kantongerecht worden een onderdeel van de Rechtbank Noord Nederland.
    Het politiekorps in de provincie Groningen gaat in 2013 op in de Nationale Politie. De voormalige korpsen in Groningen, Friesland en Drenthe vormen nu gezamenlijk de regionale eenheid Noord-Nederland. Het bevoegd gezag berust in eerste aanleg bij de burgemeester van Groningen.
    In 2011 wordt een gezamenlijke meldkamer voor politie-, brandweer- en ambulancezorg (10.000 beroepskrachten) geopend in Drachten.
    De bouw van een nieuw Huis van Bewaring (op bedrijventerrein Westpoort), aangekondigd in 2002, gaat niet door (2004).
    In 2006 wordt het agressiedetectiesysteem met camera's in de binnenstad uitgebreid met microfoons die agressieve en angstgeluiden registreren en melden. Na vijf jaar blijkt het systeem niet onderscheidend genoeg en wordt het experiment beŽindigd.

    Omhoog

    Economische ontwikkelingen

    374

    In het begin van de eeuw worden de voortgaande internationalisering van het bedrijfsleven en de ontwikkeling van een kenniseconomie gezien als de belangrijkste trends in het economisch leven.
    Kansrijke mogelijkheden voor Groningen worden vooral voorzien in sectoren als:

    • de nanotechnologie (met de ambitie uit te groeien tot het belangrijkste Europese Nano Sciencecentrum);
    • de 'life sciences', met name de biomedische en de biofarmaceutische sectoren; gestreefd wordt ook naar een vooraanstaande positie rond het thema 'healthy ageing'.
    • in bedrijfstakken als (tot 2009) de zakelijke en (alle jaren) de verzorgende dienstverlening.

    Omhoog
    375

    Het Noorden als geheel presenteert zich in het begin van de eeuw als energieregio van Nederland : 'Energy Valley'. De energieregio neemt (2011) deel aan de 'Hansa Energy Corridor', een Nederlands-Duits netwerk. De stad herbergt sinds 2003 het Energy Delta Opleidingsinstituut en een researchcentrum onder die naam.
    In 2009 wordt - onder meer door de plaatsing van het kunstwerk 'Aardgasmolecule' op de A7 - herdacht dat in 1959 het aardgasveld bij Kolham (Slochteren) operationeel is geworden. Het bevat na 50 jaar nog een derde (1.000 miljard m3) van de oorspronkelijk aanwezige hoeveelheid aardgas.

    Omhoog
    376

    Groningen telt in 2000 plm. 117.000 arbeidsplaatsen (> 15 uur per week). In 2011 zijn het 136.000 arbeidsplaatsen, waaronder plm. 30.000 in de binnenstad (2010: 133.400). Daarvan is 10 % rechtstreeks gerelateerd aan informatie- en communicatietechnologie (450 bedrijven); 15 % wordt gerekend tot de creatieve sector.
    De helft van de arbeidsplaatsen wordt ingenomen door personen die niet in Groningen wonen. Als gevolg van de recessie is in 2014 het aantal arbeidsplaatsen overigens gedaald tot 131.000.
    Ongeveer 28 % van de stedelijke beroepsbevolking werkt buiten de stad. Omgekeerd is bijvoorbeeld 47 % van de arbeidsplaatsen in de provincie Groningen gesitueerd in de stad. De grootste werkgever is het UMCG met 10.000 werknemers (en 1.2 miljoen bezoekers per jaar).

    • Van de beroepsbevolking in de stad (dan 78.000 personen) zijn begin 2000 13.650 personen werkloos. In 2008 is dat aantal met een derde gedaald; in 2013 is het weer opgelopen tot 13.952 werklozen. Bij vooral allochtone groepen (o.m. Antillianen) loopt het percentage werklozen op tot 30 % en meer.
      Uitkeringsgerechtigd wegens arbeidsongeschiktheid is in 2006 6 % van de beroepsbevolking.

    Omhoog
    377

    In 2005 wordt aangevangen met het bouwrijp maken van het nieuwe bedrijventerrein Westpoort. De bouw van het eerste bedrijf begint in 2008. In de jaren daarna worden - als gevolg van de economische crisis - nauwelijks nog kavels voor bedrijven uitgegeven. Dit geldt ook het Sciencepark Zernike.

    • Rond 2005 staat de toekomst van de twee Groningse suikerfabrieken op het spel, als direct gevolg van wijzigingen in het Europese beleid voor de suikerbietenteelt (verlaging productiequota, daling prijsniveau). Met de verwerking van suikerbieten zijn in de stad 500 arbeidsplaatsen verbonden. In 2006 wordt de de 'Fries-Groningse beetwortelsuikerfabriek' in de stad (1914) verkocht aan de eigenaars van de fabriek in Vierverlaten. In 2008 wordt het bedrijf echter gesloten en naderhand gesloopt. Vooralsnog krijgt het vrijgekomen terrein geen nieuwe bestemming. Wel kunnen er tijdelijke, kleinschalige projecten worden ontwikkeld.
    De sinds 1828 bestaande Kamer van Koophandel voor Groningen fuseert per 2008 met de Kamers in Friesland en Drenthe, maar behoudt de hoofdvestiging in Groningen. In 2014 worden alle decentrale vestigingen opgeheven en zijn de taken van de Kamer nog maar zeer beperkt.

    Omhoog
    378

    Het woonwarenhuis IKEA (1997) krijgt in 2005 in een nieuwe vestiging een omvang van 30.000 m2, in 2011 nog uitgebreid tot 42.500 m2.
    De zeker al in de 13e eeuw bestaande veemarkt wordt in 2001 gesloten. De veemarkten in Nederland kunnen veelal niet meer voldoen aan de milieu-eisen die de rijksoverheid stelt.
    De ambulante handel in het stadscentrum telt plm. 140 kramen (2008).
    In een nota over de kantorenmarkt in Groningen (2010) wordt gesteld dat de jaarlijkse vraag naar kantoorruimte in het komende decennium met plm. 17 % zal dalen. Gewezen wordt op de concurrentie van andere steden (lees: Zwolle), de krimpende overheid en de teruglopende groei van de zakelijke dienstverlening. Bovendien behoeft - in het kader van 'het nieuwe werken' - niet elke werknemer meer een eigen werkplek. Een in 2011 vastgestelde Detailhandelsstructuurvisie bevestigt de sterke regionale positie van de binnenstad van Groningen, met een accent op het noordelijk deel van de provincie. De winkeloppervlakte neemt nog toe; het aantal winkels niet. Er blijkt een grote vraag naar - vooralsnog onvoldoende aanwezige - nieuwe winkelruimte op A-lokaties. De detailhandel is goed voor 8.5 % van de werkgelegenheid. Overigens neemt de frequentie van bezoeken vanuit de regio aan de binnenstad af. Het warenhuis De Bijenkorf zal in 2016 uit Groningen vertrekken.

    Omhoog
    379

    Het belang van de stad als kennis- en innovatieknooppunt - tevens banenmotor - wordt ondersteund door een publiciteitscampagne onder de naam 'Groningen, City of Talent'.
    Het aantal toeristen dat Groningen bezoekt vertoont in het eerste decennium van de eeuw een sterke stijging. In 2009 zijn er 332.500 overnachtingen (van 133.000 personen), waaronder 25 % buitenlanders; in 2013 is het aantal overnachtingen toegenomen tot 400.000. Jaarlijks worden in Groningen rond de 65 congressen gehouden (met 50.000 deelnemers).

    Omhoog

    << Vorige hoofdstuk Index

    © 1998, 2014 Kor Feringa, in samenwerking met Grunn.nl