• Menu
  • Historie
     
    Email ons!
     
  • GRUNN.NL: Bommen Berend / 28 augustus
  • De jaarlijkse viering van het Groningens Ontzet op 28 augustus herinnert aan het mislukte beleg van de stad door de bisschop van Münster (Bommen Berend) in 1672.

    'Het beleg van Groningen 1672' door Folkert Bock geschilderd in 1686
    'Het Beleg Van Groningen 1672' geschilderd door Folkert Block in opdracht van het Stadsbestuur in 1686, hangt nu in de hal van het Stadhuis.

    Vanaf april 1672 wordt de Republiek der Verenigde Nederlanden vrijwel tegelijkertijd aangevallen door Frankrijk, Engeland, het bisdom Münster (1 juni) en het keurvorstendom Keulen. De Hollandse of Tweede Münsterse oorlog is begonnen. Het bondgenootschap staat onder leiding van de Franse koning die op economische gronden alle gebieden ten zuiden van de Rijn ('de natuurlijke grens van Frankrijk') onder zijn invloedssfeer wil brengen. Ook het bisdom Münster heeft gebiedsaanspraken, o.m. in Westerwolde.

    De generaliteitslanden in het zuiden, alsmede de landgewesten Gelderland, Utrecht en Overijssel (en ook Lingen) worden nog in het voorjaar, zonder noemenswaardig verzet, door Franse en/of Münsterse troepen veroverd. Ook Drenthe (Coevorden) en Westerwolde worden bezet. Friesland - beschermd door een waterlinie - wordt wel bedreigd, maar niet werkelijk aangevallen.

    Het leger van de Republiek trekt zich terug op de (Oude) Hollandse Waterlinie (van Naarden tot Gorinchem). De staten van Overijssel, Gelre en Utrecht erkennen de Franse bezetting. In de Hollandse steden komt de bevolking in opstand tegen de defaitistische houding van de stadsbesturen die zich, tegen betaling, in meerderheid aan de Fransen zouden willen overgeven. De situatie wordt goed gekenschetst door het bekende gezegde: 'de regering is radeloos, het volk redeloos en het land reddeloos'.

    Raadpensionaris Johan de Witt van Holland, die zich altijd heeft verzet tegen de benoeming van een nieuwe stadhouder, neemt in augustus 1672 ontslag. Hij wordt - samen met zijn broer Cornelis - enkele weken later door Haags gepeupel om het leven gebracht. De inmiddels tot stadhouder van Holland benoemde Willem III zou daaraan medeplichtig zijn geweest.

    De oorlog komt niet onverwacht. In de voorafgaande periode is er al sprake van een oorlog met Engeland om de heerschappij ter zee (Tweede Engelse oorlog, 1665 - 1667). Een conflict met Frankrijk ontstaat als de Republiek de Franse expansie in de Zuidelijke Nederlanden probeert tegen te gaan. In - wat wordt genoemd - de Eerste Münsterse oorlog (1665) heeft de bisschop van Münster al eens een vergeefse poging gedaan ten behoeve van de Engelsen een bruggenhoofd bij Delfzijl te vestigen. Hij komt evenwel niet verder dan Winschoten.

    Het Niederstift Münster, dat sinds 1253 deel uitmaakt van het bisdom, beslaat het huidige Emsland. Het bisdom grenst dus direct aan Westerwolde en Drenthe.

    Het beleg van Groningen.
    Christoph Bernard von Galen, Bommen Berend
    Christoph Bernard von Galen, Bommen Berend
    Groningen ('de sleutel van de Friese tuin') wordt vanaf 21 juli 1672 belegerd door het leger van de prins-bisschop van Münster, Christoph Bernard von Galen, doorgaans Bommen Berend genoemd, ook in eigen land. Ook Keulse troepen zijn bij het beleg betrokken.
    De stad weerstaat het beleg onder leiding van de veldheer Carl von Rabenhaupt, baron van Sucha (1602 - 1675), die daartoe speciaal is aangetrokken. Tegen 28 augustus trekken de belegeraars zich terug na een vier weken durend artillerieduel. Groningen is 'ontzet', na 'constant' (standvastig) te zijn gebleven. Het land is 'behouden'. Joost van den Vondel (dan 85 jaar) dicht: 'O Groninge, uit het puin en asch en stof verrezen, vergeet de weldaet niet, die Godt u heeft bewezen'.

    Zou Groningen zijn veroverd, dan zou ook (het noorden van) Friesland ernstig gevaar hebben gelopen en daarmee de handelsvaart op Amsterdam via de Zuiderzee.

    In 1672 is in Groningen nog de Juliaanse kalender van kracht. Volgens die kalender vindt de aftocht van Bommen Berend plaats op 17 augustus.

    De verdediging van Groningen, aanvankelijk met een troepenmacht van 2.000 man, is geconcentreerd op de zuidelijke wallen waar 60 van de 200 stukken geschut zijn opgesteld. Daaronder het beroemde kanon 'Groote Griet'.
    De landerijen ten westen, ten noorden en ten oosten van de stad zijn geïnundeerd.

    In het gewest Stad en Lande staat zo'n 45.000 ha land onder water, daaronder de linie Groningen - Delfzijl. In het westen sluit de linie in het Westerkwartier aan op de Friese waterlinie die doorloopt tot De Lemmer. Groningen is voor een aanvaller feitelijk dus alleen te benaderen vanaf de Hondsrug. De bevoorrading van de stad via het Reitdiep blijft mogelijk, ook al komen de uitvallen van de belegeraars tot Aduarderzijl. Tijdens het beleg worden nog plm. 3.000 soldaten uit Holland aangevoerd.

    De loopgraven van het bisschoppelijk leger reiken tot onder de wallen: Keulse troepen tussen Winschoterdiep en Oosterpoort, de Münstersen tussen Oosterpoort en Marnixpijpen. Beschietingen vinden o.m. plaats vanaf de Kempkensberg (in het huidige Sterrebos). De projectielen - gesproken wordt over zo'n 9.000 kanonschoten en 5.000 bommen (brandbommen, maar ook zgn. 'stinkpotten': een soort fragmentatiebommen die een vieze geur verspreiden) - komen tot ter hoogte van de Martinikerk. Het zuiden van de stad loopt dan ook ernstige schade op. De bevolking is gevlucht naar het noordelijk deel. Het moreel blijft echter ongebroken, mede omdat er voldoende voedsel en munitie is. Onder de burgerij vallen minder dan 100 doden.

    Het bombarderen van een stad is in de 17e eeuw een nieuwe aanvalstechniek, bedoeld om de bezetting door druk van binnenuit tot overgave te brengen. Tot dan wordt veelal volstaan met het beschieten van de vestingwerken om daarin vervolgens een bres te kunnen slaan.

    Groningen in 1672
    Plattegrond Groningen in 1672
    Bommen Berend breekt het beleg op als de helft van zijn 24.000 man tellend leger is gesneuveld (4.600 man), gevangen genomen, gedeserteerd (samen 5.500 man) of door ziekte niet meer in staat is te vechten (daarmee de kans lopend dat hen 'een kogel wordt gegeven').
    Ook maakt hij de tactische fout de artilleriebatterijen te zwaar te laden (om ze een groter bereik te geven). Ze raken daardoor nogal eens onklaar. De loopgraven tenslotte zijn door het aanhoudend slechte weer ondergelopen.

    Het Münsterse leger voert ook in de rest van 1672 (en in beide volgende jaren) nog strijd in het noorden. In Reiderland, Westerwolde en Coevorden (in deze stad zelfs tweemaal) vindt het daarbij opnieuw Rabenhaupt op zijn weg. Het leger van Rabenhaupt lijdt een nederlaag bij Veldhausen in de Grafschaft Bentheim. Nog in maart 1674 wordt Groningen opnieuw aangevallen door Münsterse troepen.
    Uiteindelijk wordt de Republiek gered door het ingrijpen van de keurvorst van Brandenburg, van de Duitse keizer en van de koning van Spanje. De Engelsen worden door de Nederlandse vloot (onder aanvoering van Michiel de Ruyter) meermalen verslagen.
    In april 1674 wordt vrede gesloten met Münster, in 1678 met Frankrijk.

    Groningens Ontzet is tot 1795 elk jaar gevierd. Na de Franse tijd wordt de herdenking in 1821 eenmalig weer opgevat. Sinds 1838 is 'de 28e' opnieuw een jaarlijkse feestdag.

    De waterlinie Groningen - Delfzijl heeft formeel tot 1874 bestaan. In 1944/45 is het gebied op last van de Duitse bezetter nog eens geïnundeerd.

    De actie van Bommen Berend vormt maar een beperkt deel van de stadsgeschiedenis van Groningen. De volledige geschiedenis is te vinden in "Een stoere stad".


    © 2006 Kor Feringa/Grunn.nl